Double click to edit
Bij het lichte lood houd ik de hengel altijd in mijn hand. Dit systeem is niet geschikt om te gebruiken in combinatie met een hengelsteun. Deze methode vergt enige oefening omdat het lood stroomafwaarts rolt en je dus elke trilling tot in de handgreep voelt. De truc is om de aanbeet tussen het rollen uit te “ vissen” .
Bij beide systemen vis ik met onderlijnen, al dan niet met een hair ( afhankelijk van het aas) . Mijn voorkeur gaat er echter onomstotelijk uit naar een aasmontage direct op de haak. De onderlijnen variëren in lengte van 30cm tot ruim een meter. BIJ veel aanbeten wordt mijn onderlijn steeds korter, bij weinig of hele voorzichtige aanbeten neig ik naar langere onderlijnen.


Pittoreske landschappen die waanzinnige plaatjes opleveren, de ongerepte natuur, de serene rust die veelal enkel verstoord wordt door de hoge noot van de ijsvogel, kortom een genot om er alleen al te vertoeven. Elk seizoen heeft in de Ardennen zijn charme.
De bovengenoemde rivieren in België oefenen op mij de allergrootste aantrekkingskracht uit als mijn gedachten uitgaan naar barbeel. Ik denk dat een ieder die het voorrecht heeft gehad om er te vissen of om er überhaupt te verblijven het zonder meer met mij eens is. De regenrivieren leveren doorgaan niet de grootste barbelen op, maar vaak wel de sterkste en de meeste. Het, vaak, ondiepe water met vrijwel uitsluitend grind en stenenbodemstructuur herbergt een zeer goed populatie aan barbeel, kopvoorn en sneep.
de rivieren zijn geschikt om er de meest uiteenlopende technieken op los te laten. Ik beschrijf in dit artikel de meest gebruikte.
Feeder:
Het is heel goed mogelijk om met een voerkorf in de Ardennen te vissen. Kies een zwaarder type gaaskorf van 50 tot 100 gram. Als hengel gebruik je een medium of heavy feeder met minimaal een 4 ounce tip gemonteerd. Met de Avon tip gaat het echter ook, zeker als je de hengel vasthoudt en niet in de steun legt. Je voelt dan de kleinste aanbeet tot in de greep van je hengel. Indien je particles zoals hennep, casters en maden voert, gebruik dan een gesloten voerkorf. Ik heb hele goede ervaringen met de gesloten Drennan modellen. Zorg ervoor dat je een zwaarder grondvoer dat heel goed op vocht gebracht is in je voerkorf stopt. Lichte voerdelen of voerdelen die niet de juiste vochtigheidsgraad hebben, drijven te ver af en trekken de vis mee stroomafwaarts.
Met een zinklood, zwaar en stilliggend of licht en rollend ( en toc)
Er bestaan twee goede methoden om op zink te vissen in de Ardennen. Ik vis met beide systemen succesvol. Bij het zwaarder lood ligt de aaspresentatie stil op de bodem van de rivier. Dit is de meest eenvoudige manier om de barbeel te belagen. Als je de hengel in een steun hebt staan, dan zul je de beet via de hengeltop kunnen waarnemen. De ervaring leert echter dat je in de Ardennen vaak te laat bent omdat de aanbeten vaak niet zo fel zijn als bijvoorbeeld op de Waal of de Ijssel. Ik kies er dus vrijwel altijd voor om de hengel in de hand te houden. Hierdoor houd ik direct contact met de aaspresentatie en kan ik adequaat reageren op elke, vaak kleine, aanbeet.
Ik voer hierbij meestal niet, omdat ik in een zone vis waar de barbeel al aanwezig is.
Dobber:
Er zijn niet zoveel sportvissers die de uitdaging aangaan om met een dobber op nog geen 80 cm diep water te vissen. ” Het stroom te hard, het is te ondiep”… Ik kan al die sceptici echter garanderen dat het pure vissenporno is om een barbeel met een matchhengel te haken met een dobber. Een dobber van een gram of vier, een compacte loodmontage waarbij het lood redelijk gegroepeerd gemonteerd wordt, vier maden aan de haak en aan de slag. Fantastische sport die wel wat oefening en geduld vergt, maar de beloning is er dan ook een die zijn weerga niet kent. Ik kies voor een eenvoudige loodmontage omdat je bij aanslaan ( misslaan) altijd de kans loopt dat de hele montage uit het water vliegt als gevolg van het ondiepe water en de kracht van de aanslag.
Stekbepaling:
Het bepalen waar je gaat vissen in de Ardennen kan een tijdrovende bezigheid zijn. Zeker, als je vanuit Nederland eerst een paar uur moet sturen vooraleer je er bent en je niet goed weet waar je moet zijn. Zoek een strook water uit waar het minimaal 70 tot 80 cm diep is en waar een goede constante stroming in het water zit. Kies een strook water uit waar het wateroppervlak glad is. Als er veel golfvorming in het water zit, dan duidt dat op grote stenen in het water. Dit kan het vissen en drillen erg bemoeilijken. Vaak kun je al aan de oever zien hoe het bodemverloop is. Dan liggen er ook al vaak grote stenen aan de oever. Een fijne grindbodem langs de oever duidt meestal op een strakke bodem in het midden van de rivier.



Voor de volledigheid wil ik melden dat de inworp van de montage nooit stroomopwaarts moet geschieden, dan is de kans op lijnbreuk en vasthangen eigenlijk 100%. Altijd licht stroomafwaarts of recht vooruit inwerpen. Zodra de montage de bodem raakt, ook niet meer lijn binnenhalen. Komt er geen aanbeet binnen een minuut of 10, dan opnieuw inwerpen.
Door: Leon Haenen
Belangrijk om te weten!
Het Maison wallonne de la pêche groepeert alle Federaties die actief zijn op het grondgebied van het Waalse Gewest, of ongeveer 66 000 vissers. Deze vzw ijvert voor de verdediging van de riviervisserij en de bescherming van de aquatische milieus in het Waalse Gewest. Ze werkt mee aan het opstellen van een wetgevend en reglementair instrument ter bescherming van het milieu en ter bevordering van de riviervisserij.
Hieronder het pdf van de regelementen:
Hieronder staat het menu van het ´Ardennen Offensief´ door Léon Haenen en zijn vismaat Rik Lemmens, verslagen van de winter periode December 2009 / Januari 2010.